Vitale belangen

Bij een gecoördineerde inzet vormen de gemeente en de hulpverleningsdiensten samen de regionale crisisorganisatie (RCO). De RCO staat onder bevel van de burgemeester. De RCO richt zich op het behoud van drie vitale belangen: fysieke veiligheid, ecologische veiligheid en economische veiligheid, voor zover het gaat om materiële belangen.

Optreden ten bate van het ene belang kan het andere belang schaden. Omwille van legitimiteit en proportionaliteit zal de RCO daarom álle vitale belangen in ogenschouw nemen. Bovendien kan de burgemeester optreden als een van de vitale belangen in het geding is vanwege een verstoring van de openbare orde.

Op deze pagina staan de vitale belangen genoemd met concrete voorbeelden bij deze vitale belangen. Als referentie zijn de gebruikelijke negatieve termen ook toegevoegd.

Burger, ondernemer en bestuurder kunnen zo zien wat de maatschappelijke waarde is van crisisbeheersing. De vitale belangen zijn ook een maatstaf voor evaluatie: welke belangen stonden er op het spel en heeft onze inzet er toe bijgedragen dat deze belangen beschermd werden?

Openbare veiligheid: 1. Fysieke veiligheid

  • Lijfsbehoud en in goede gezondheid blijven.
  • Primaire levensbehoeften: lucht, warmte, drinken, slaap, eten.
  • Geestelijke gezondheid, privacy, bewegingsvrijheid, gemoedsrust.

De aantasting van Fysieke veiligheid uit zich in doden, gewonden, ontbering, stress en trauma.

Openbare veiligheid: 2. Ecologische veiligheid

  • Een goed en gezond milieu.
  • Behoud van biodiversiteit.

De aantasting van ecologische veiligheid uit zich in vervuiling, uitsterving van soorten en klimaatverandering.

Nationale rechtsorde: Sociale en politieke stabiliteit

  • Vrijheid van bewegen en gebruik kunnen maken van voorzieningen.
  • Vertrouwen in bestuur en rechtspraak.
  • Vrijheid van nieuwsvergaring / persvrijheid.
  • Vrijheid van organisatie, demonstratie en sociaal-maatschappelijk debat.
  • Contact met en vertrouwen in familie, vrienden, buren en collega’s.

De aantasting van Sociale en politieke stabiliteit kan worden aangeduid met “onrust”, “polarisatie” of “onderdrukking”.

Territoriale veiligheid

  • Toegang tot openbare ruimte en toegang en afscherming van eigen privé ruimtes.
  • Met cyberveiligheid in het bijzonder: het beschikbaar zijn van informatie- en communicatie,
    het afschermen van vertrouwelijke informatie en persoonsgegevens en integriteit en zeggenschap over informatie en systemen.

De aantasting van territoriale veiligheid uit zich in het buiten gebruik of ontoegankelijk zijn van dan wel functioneel verlies van zeggenschap over delen van de regio of informatiesystemen.

Economische veiligheid

  • Kunnen beschikken over bezit: “have en goed”
  • Doorgang van arbeid en processen en daarmee doorgang van productie van goederen en diensten, onderwijs en vermaak.
  • Reputatie: behoud van positie in de markt en vertrouwen in de goede naam.
  • Behoud van monumentale waarde.

Aantasting van Economische veiligheid wordt vaak “storing”, “schade”, of “vernietiging” genoemd. Of is er sprake van kosten voor herstel.

Ná het incident

Na afloop van het incident wil de samenleving terugkeren naar het oude normaal.

  • Herstel, hervatten van normale gang van zaken.
  • Waarheidsvinding en verzoening.
  • Verantwoorden en straffen.
  • Leren en meer weerbaar worden.
    Nog beter is terug keren naar een meer weerbare variant van de samenleving.
    In de veiligheidsketen wordt dit “nazorg” genoemd.

Leren en verantwoorden staan op gespannen voet met elkaar.

Over de belangen

De doelen zijn overgenomen uit de Veiligheidsstrategie voor het Koninkrijk der Nederlanden. De doelen zijn nader uitgewerkt in de Handleiding Regionale Risico-inventarisatie en -analyse (NIPV 2026), hoofdstuk 5.

Bij “Internationale rechtsorde en stabiliteit” ligt de opdracht meer bij de nationale overheid dan bij de regionale crisisorganisatie.

Meer lezen? Zie de “Policy Brief van Clingendael (2018)“.